God als persoon. Een dilemma?

Het is niet vanzelfsprekend dat God als persoon wordt voorgesteld, maar ook niet dat God een onpersoonlijk iets is. Het is echt een dilemma. Er zijn geen doorslaggevende argumenten om voor het een of het ander te kiezen. Toch dringt zich juist in onze tijd de vraag op: is de opvatting van God als een persoon, iemand die zich onderscheidt van wereld en mensen, maar tegelijk handelt en optreedt, niet een primitieve voorstelling? Zijn we het beeld van God als “een uitvergroot mens” (Kuitert) niet ontgroeid? Maar is wat ervoor in de plaats komt, namelijk dat er toch wel ‘Iets’ moet zijn dat ons en de wereld overstijgt, niet ontzettend minimalistisch, vaag en ontwijkend? Er zijn mensen die vast geloven in hoe de Bijbel God uitbeeldt: als iemand die ingrijpt in de geschiedenis van de wereld (eindtijd) en in het leven van individuele mensen (genezings-wonderen). Er zijn ook altijd denkers geweest die het zijn van God in niet-persoonlijke of minder exclusief persoonsgebonden bewoordingen hebben proberen te preciseren. Toch blijven we bij breuken en grenzen van het leven, in gebed en/of liturgie, God bijna vanzelfsprekend als persoon aanspreken. De cyclus lost het dilemma niet op. Wel wordt inzicht gegeven in de verwarrende gevoelens, ervaringen en beweegredenen die een rol spelen, wanneer mensen zich afvragen wie of wat God voor hen is.

Lezingen:

– God als persoon >>
– God als wonderdoener en eindtijdelijk voltooier >>
– Whitehead over God >>
– Het dilemma blijft >>

God als persoon. Een dilemma?